Seminarieprogramma Sign2Com: “Meerwaarde voor de bezoeker”
Het seminarieprogramma op maandag 5 oktober tijdens de vakbeurs Sign2Com bestrijkt een breed terrein. “De kennissessies bieden een duidelijke meerwaarde voor de bezoeker”, zegt samensteller Kurt De Cat van Grafisch Nieuws. Hij gaf het programma vorm in samenwerking met Fespa Belgium en VIGC.
Workshop Duurzamer printen
Op maandag 5 oktober organiseren VIGC en Centexbel een technisch georiënteerde workshop rond vier thema’s: materiaalgebruik, artificiële intelligentie, biogebaseerde inkten en afvalstromen. De workshop start om 9 uur met Fons Put (VIGC) en Willem Uyttendaele (Centexbel). Zij bekijken hoe printbedrijven hun verbruik van inkten en substraten kunnen optimaliseren en welke mogelijkheden er bestaan om reeds bedrukte materialen opnieuw te gebruiken. In een circulaire economie wordt immers niet alleen de keuze van het materiaal belangrijk, maar ook hoeveel ervan wordt verbruikt en wat ermee gebeurt na gebruik.
Vervolgens trekt Geert Bammens (VIGC) het thema AI naar de productievloer. Printbedrijven verzamelen vandaag grote hoeveelheden gegevens over planning, productie, onderhoud en kwaliteit. De vraag is hoe artificiële intelligentie die data kan omzetten in bruikbare informatie en slimme ondersteuning voor de operator. Praktijkvoorbeelden uit de grafische sector moeten tonen dat AI niet noodzakelijk een abstract toekomstverhaal hoeft te blijven.
Ook de chemie achter print komt aan bod. Brecht Demedts (Centexbel) behandelt biogebaseerde inkten, kleurstoffen en coatings en de mogelijkheden die deze materialen kunnen bieden voor een duurzamere printproductie. Tot slot verlegt Wouter Tack van Seenons de aandacht naar wat na de productie overblijft. Onder de titel ‘Van bedrijfsafval naar grondstof’ gaat hij in op praktisch afvalmanagement voor grafische bedrijven.
Bestanden correct aanleveren voor grootformaatdrukwerk
Na de middag verschuift de aandacht naar grootformaatproductie. Stefaan Cardoen, IT & Process manager bij Hecht, behandelt van 13.30 tot 14 uur een klassiek pijnpunt in vrijwel ieder printbedrijf: bestanden die niet correct worden aangeleverd.
De gevolgen zijn bekend. Prepress moet extra controles uitvoeren, klanten moeten opnieuw worden gecontacteerd en bestanden worden gecorrigeerd. Dat werk wordt lang niet altijd doorgerekend, terwijl een verkeerd bestand tegelijk het risico op productiefouten en discussies over het eindresultaat verhoogt.
Fespa Belgium heeft daarom samen met VIGC praktische richtlijnen opgesteld voor de aanlevering van large-format printbestanden. Cardoen bespreekt onder meer technische specificaties, resoluties, kleurinstellingen en bestandsformaten, maar ook afloop, schaal en veilige zones. Daarnaast komen preflight, proofing en kleurbeheer aan bod. Een interessant aspect is dat de aandacht niet stopt bij de technische richtlijnen. Minstens zo belangrijk is hoe een printbedrijf die eisen aan zijn klanten communiceert, bijvoorbeeld via website, offerte en e-mail.
Cardoen vult de richtlijnen aan met ervaringen uit drie bedrijven van de Bevizion Group. Welke problemen komen daar binnen? Welke controles werden ingevoerd? En wat werkt – of werkt net niet – om zoveel mogelijk correcte bestanden aan de voordeur van het productieproces te krijgen?
Beyond the flat print – speciale effecten met digital printing
Om 14.30 uur gaat Wim Vandendriessche, general manager van swissQprint Benelux, letterlijk ‘Beyond the flat print’. Digitale grootformaatprint hoeft immers niet beperkt te blijven tot een vlak CMYK-beeld.
Technieken als Droptix, lenticulair printen en haptic printing maken toepassingen mogelijk waarbij diepte, beweging en tastbare structuren onderdeel worden van het grafische product. Reliëf en andere speciale effecten geven ontwerpers en printbedrijven daarmee extra mogelijkheden om toepassingen te creëren die niet alleen visueel, maar ook fysiek opvallen.
Voor sign- en grootformaatbedrijven is dat meer dan een technologische demonstratie. Dergelijke technieken kunnen een manier zijn om printproducten te differentiëren en toepassingen te ontwikkelen waarbij de toegevoegde waarde verder gaat dan vierkleurendruk alleen.
Print for Good: wanneer print écht het verschil maakt
Om 15.30 uur plaatst Els Vansteenkiste, Fespa project support, print in een heel andere context. Zij presenteert het verhaal van de Fespa Foundation, die onder het motto ‘Print For Good’ kennis, materialen en productiecapaciteit uit de grafische industrie inzet voor maatschappelijke projecten.
De sessie laat zien hoe print kan bijdragen aan onderwijs en lokale gemeenschappen, maar ook hoe materialen een tweede leven kunnen krijgen. Tegelijk is het een uitnodiging aan bedrijven uit de sector om hun eigen expertise en middelen in te zetten voor projecten met een maatschappelijke doelstelling.
Van schaal naar strategie: M&A-trends in de printsector
De seminariedag eindigt met een uitgesproken bedrijfseconomisch onderwerp. Christian Duyckaerts, managing partner van Matchmaker4Print, bespreekt vanaf 16.30 uur de M&A-trends in print, sign, display en packaging.
Dat consolidatie de grafische industrie al langer tekent, is geen nieuws. Volgens het programma krijgt die beweging echter een nieuwe dynamiek door een combinatie van opvolgingsvraagstukken, de zoektocht naar schaalgrootte, noodzakelijke technologische investeringen en veranderende behoeften bij klanten.
Duyckaerts gaat daarbij in op vragen die voor zowel potentiële kopers als verkopers relevant zijn. Wie koopt vandaag grafische bedrijven? Welk type onderneming is interessant als overnamedoelwit? Hoe ontwikkelen waarderingen zich? En vooral: hoe kan een ondernemer zijn bedrijf vandaag zo positioneren dat er morgen waarde wordt gecreëerd?
Daarmee eindigt het programma niet bij technologie, maar bij strategie. Dat maakt het seminarieprogramma meteen illustratief voor de uitdagingen waarmee de grafische industrie vandaag wordt geconfronteerd. Efficiënter omgaan met materialen, data slimmer benutten, nieuwe printmogelijkheden ontwikkelen en processen beter organiseren zijn één kant van het verhaal. De vraag welke schaal en bedrijfsstructuur daarvoor in de toekomst nodig zijn, vormt de andere.